Home   Blijf op de hoogte via onze blog     Begrijpend lezen opvolgen in de lagere school

24 maart 2022

Begrijpend lezen opvolgen in de lagere school

Uitdagingen en kansen volgens leerkrachten


Begrijpend lezen is een belangrijke vaardigheid voor leerlingen in het basisonderwijs. Dankzij een goede opvolging en evaluatie kunnen ze die vaardigheid optimaal ontwikkelen.

Maar vinden leerkrachten dat wel eenvoudig? Wat kan hen daarbij helpen?

Het Centrum voor Taal en Onderwijs (KU Leuven) zocht het samen met Plantyn uit.

Bekijk de video en ontdek de resultaten in het artikel.



resource-not-found

Wie, wat, hoe?

Tussen 22 november en 15 december stuurden we een online bevraging uit naar leerkrachten in het basisonderwijs.

Het doel was tweeledig: enerzijds wilden we meer inzicht krijgen in de manier waarop leerkrachten begrijpend lezen vandaag opvolgen, anderzijds ook in de noden en wensen om een nieuw leerlingvolgsysteem (Sleutel 6) te ontwikkelen dat hen daarbij kan helpen.

Begrijpend lezen is duidelijk een ‘hot topic’. We streefden naar minimaal 200 respondenten, maar uiteindelijk werkten 366 leraren de bevraging volledig af. Het gaat om een heel verscheiden groep: 

  • Gemiddeld hebben de leraren 19 jaar ervaring in het onderwijs en geven ze les in verschillende regio's, onderwijsnetten en leerjaren.

  • 94% geeft les in het reguliere onderwijs, waarbij 73% klasleraar is. 60% neemt ook andere functies op, zoals zorgleraar, zorgcoördinator, beleidsondersteuner, boekenjuf/meester of leraar anderstalige nieuwkomers.

  • 78% van de scholen telt tussen de 100 en 350 leerlingen.

  • In 27% van de scholen is de meerderheid van de leerlingen meertalig, in 43% heeft de helft van de leerlingen een lage sociaal-economische status.

Hoe volgen leraren begrijpend lezen vandaag op?

Uit de bevraging leren we dat de huidige evaluatiepraktijken soms heel beperkt zijn: sommige leraren geven zelfs aan dat er niet echt ‘een systeem’ is voor de opvolging van de begrijpend-leesontwikkeling  op school. Naast enkele bredere evaluatievormen (zoals spontane observaties of leesgesprekjes) gebruiken leraren vooral toetsen en methodegebonden materiaal.

Leraren zijn matig tevreden over hun huidige aanpak, omdat:

  • het beeld van de leerlingen te beperkt is;

  • de instrumenten niet kwaliteitsvol genoeg zijn;

  • het systeem verouderd is;

  • ze te weinig zicht krijgen op evolutie;

  • ze te weinig handvaten hebben voor analyse, diagnose en differentiatie.


Opvallend: heel wat leraren en schoolteams hebben zelf systemen en instrumenten bedacht om de begrijpend-leesontwikkeling beter in kaart te brengen. Bij die instrumenten geven ze wel aan dat standaardisatie en normering ontbreken.

Wat zijn de groeikansen volgens leerkrachten?

Leraren signaleren groeikansen voor de manier waarop ze de begrijpend-leesontwikkeling opvolgen, maar ook voor de manier waarop ze met de resultaten omgaan. Zo kunnen ze de resultaten enerzijds nog meer inzetten voor een sterkere leesdidactiek in de eigen klas, anderzijds ook om op schoolniveau te werken rond een krachtig leesbeleid.

Ze leggen resultaten immers nog te weinig samen over klassen heen en er zijn niet veel scholen waarin iedereen met z'n allen nadenkt over manieren om die resultaten te verbeteren. Volgens de leraren zou zo'n aanpak het leesonderwijs nochtans ten goede komen.

Snakken leerkrachten naar een nieuw opvolgsysteem?

85% van de leraren ervaart een grote nood aan een hedendaags, kwaliteitsvol leerlingvolgsysteem voor begrijpend lezen in de klas. 86% wenst zo'n systeem voor de hele school. De meesten (88%) zijn ook voorstander van een digitaal systeem, omdat dit praktisch en toegankelijk is.

Ook zijn leerkrachten ervan overtuigd dat een digitaal systeem tot een betere beeldvorming leidt en het makkelijker maakt om de evolutie van leerlingen op te volgen.

Mogelijke valkuilen

Leraren geven aan dat er wel een aantal valkuilen zijn aan een digitaal opvolgsysteem. Een daarvan is de ‘passieve rol’ waarin leraren kunnen belanden, wanneer het systeem te zelfstandig werkt.

Leraren zijn op die manier niet meer actief betrokken bij de evaluatie en de verwerking van de scores. Ze trekken dan ook minder spontaan conclusies voor hun onderwijspraktijk en voor de ondersteuning van leerlingen. Andere valkuilen zijn problemen met de infrastructuur en het feit dat niet alle leerlingen ICT-vaardig zijn of het gewoon zijn om te lezen op een scherm.

Wat zijn de aandachtspunten?

57% van de leraren vindt dat een nieuw leerlingvolgsysteem moet inzetten op de beeldvorming van zwakke begrijpend-lezers. 10% wil ook aandacht voor lezers die niet graag lezen en meertalige leerlingen.

Verder verdienen ook leesstrategieën een plaats in het systeem. Bovendien willen leerkrachten naast gestandaardiseerde toetsen graag handvaten voor een interactieve benadering van de evaluatie (zoals scenario’s voor leesgesprekjes).

En nu?

De onderzoekers en ontwikkelaars leggen nu de resultaten van de bevraging samen met de bevindingen uit de literatuurstudie, de expertenbevraging en de focusgroepen. Op basis daarvan nemen we beslissingen voor het onderzoek en de verdere ontwikkeling van Sleutel 6.

De volgende stap was het testen van de screening-tools (m.a.w. de gestandaardiseerde toetsen) en de ontwikkeling van de breedbeeld-tools (m.a.w. een brede waaier aan instrumenten). Meer info over deze resultaten kan je hier vinden.

Intussen werken we hard verder aan de digitale tool waarin al die instrumenten een plekje zullen krijgen. To be continued!


Wil je op de hoogte blijven van alle verdere ontwikkelingen?

Hou dan zeker deze webpagina over Sleutel 6 in de gaten en schrijf je in op de nieuwsbrief .