9 juin 2026
75 jaar samen leren: Vernieuwen in het onderwijs: Wanneer is vernieuwing écht verbetering?
Het onderwijs verandert constant. Van de nieuwe minimumdoelen in Vlaanderen, Pacte d’excellence in Wallonië tot de integratie van AI in de klas. Maar is elke vernieuwing automatisch een verbetering? Deze vraag legden we voor aan drie onderwijsexperts: Nabil Khazzaka, NT2-docent en e-learning expert, Alessandro Fontana, directeur van Atheneum Lier en Stef Van Malderen, uitgeefdirecteur bij Plantyn.
Hun dagelijkse confrontatie met de realiteit van vernieuwing maakt hun perspectief waardevol voor iedereen die nadenkt over de toekomst van onderwijs.
Niet elke vernieuwing is een verbetering
"Niet elke vernieuwing is automatisch een verbetering."
Nabil Khazzaka legt meteen de vinger op de zere plek. Het probleem is niet vernieuwing an sich, maar de motieven erachter. "Het hangt af van de doelstelling die erachter zit", legt hij uit. "Is het om commerciële redenen? Om administratieve redenen? Of heeft het écht te maken met het pedagogische en didactische? Dát maakt het verschil."
Die vraag naar de 'waarom' achter vernieuwing blijkt cruciaal. Te vaak worden veranderingen doorgevoerd omdat het kan, omdat het nieuw is, of omdat het elders ook gebeurt. Maar of het ook beter is voor de leerlingen en leerkrachten, dat blijft te vaak een onbeantwoorde vraag.
De kracht van bottom-up vernieuwing
Een thema dat steeds terugkomt in het gesprek is het verschil tussen vernieuwing die van onderaf komt en verandering die van bovenaf wordt opgelegd. Stef Van Malderen is daar duidelijk over: “Vernieuwingen die vanuit het team en de schoolorganisatie zelf naar voren komen, hebben een veel grotere slagingskans dan opgelegde veranderingen.”
Volgens Alessandro Fontana benutten scholen de pedagogische vrijheid waarover ze beschikken nog onvoldoende. “Onderwijsinstellingen hebben een enorme vrijheid om hun onderwijs te organiseren zoals ze zelf willen. Maar beleidsmakers, op alle niveaus, durven die ruimte vaak niet te benutten”, stelt hij. “Te vaak blijven we vasthouden aan klassieke, hiërarchische structuren, terwijl onderwijs ook helemaal anders kan.”
Over de muurtjes kijken
Alessandro pleit voor een nieuwsgierige houding: over de muurtjes kijken. Wat werkt elders? Wat niet? Net in die combinatie van inspiratie en reflectie ontstaat de basis om een eigen koers uit te tekenen.
Die metafoor van 'over de muurtjes kijken' vat de essentie samen van gezonde vernieuwing. Het gaat niet om klakkeloos kopiëren wat anderen doen. Het gaat om kijken, luisteren, leren. Maar dan wel je eigen verhaal schrijven. Een verhaal dat past bij jouw school, jouw leerlingen, jouw context.
Informeren, overtuigen, meenemen
Natuurlijk verloopt vernieuwing niet vanzelf. Nabil benadrukt het belang van goede informatie en begeleiding. "Beleidsmakers moeten zich goed informeren om goed te kunnen uitleggen wat de vernieuwing precies inhoudt. Zo kunnen ze mensen die aanvankelijk misschien wat weerhoudend zijn, toch overtuigen", zegt hij.
Dat 'overtuigen' is een interessant woord. Het impliceert niet dat je mensen dwingt, maar dat je ze meeneemt en uitlegt waarom deze vernieuwing waardevol is.
Experimenteren, evolueren, bijsturen
De praktische kant van vernieuwing komt ook aan bod. Nabil beschrijft hoe gezonde vernieuwing eruitziet in de praktijk: "Wat voor mij ook belangrijk is, is een goede planning. Dat je weet waar je naartoe gaat, dat je eventueel in het begin met een kleine groep experimenteert en dat het daarna evolueert."
Die stapsgewijze aanpak klinkt logisch, maar wordt te weinig toegepast. Te vaak wordt een vernieuwing direct schoolbreed uitgerold, zonder ruimte voor experimenteren, leren en bijsturen. Het resultaat? Frustratie wanneer het niet meteen werkt zoals verwacht.
En ja, soms behaal je niet het gewenste resultaat. "Je moet kritisch zijn en durven toegeven dat het soms eens niet lukt", zegt Stef. "Daar kan je dan weer lessen uit trekken." Die nuance - het recht om te falen, om te leren van wat niet werkt - dat is essentieel voor een cultuur waarin echte vernieuwing mogelijk is.
Durven vernieuwen
Misschien is dit wel de kernboodschap van het hele gesprek. Het woord 'durven' komt terug in meerdere uitspraken. Durven vernieuwen en anders durven kijken naar onderwijs.
Alessandro geeft een concreet voorbeeld van zo'n experiment: hij beschrijft hoe zijn school geprobeerd heeft om anders om te gaan met leerlingengroepen. In plaats van klassieke klassen met een vaste klastitularis, werken ze met leergemeenschappen die over een hele graad heen gaan. "Alle collega's hier op school zijn mentoren, dus geen hiërarchie, maar een netwerk", legt hij uit.
Wat betekent dit voor morgen?
Terwijl het gesprek ten einde loopt, blijft de centrale vraag in de lucht hangen: hoe zorgen we ervoor dat vernieuwing ook écht verbetering is? Het antwoord ligt in scholen die de ruimte krijgen en de moed hebben om te experimenteren. In teams die bottom-up vernieuwingen kunnen voorstellen en doorvoeren. In beleidsmakers die vernieuwing goed kunnen uitleggen en mensen kunnen meenemen. In een cultuur waarin falen mag, waarin je kan leren van wat niet werkt.
En misschien wel het allerbelangrijkste: in scholen die hun eigen verhaal durven te schrijven. Die over de muurtjes kijken, inspiratie opdoen, maar dan wél iets creëren dat past bij hun eigen context, hun eigen leerlingen, hun eigen team.
Benieuwd naar het volledige gesprek?
Dit artikel maakt deel uit van de videoreeks "75 jaar samen leren" van Plantyn. Bekijk het volledige gesprek over vernieuwen op www.plantyn.com/75jaar
