“Planlast is een containerbegrip. Dat woord zou beter verdwijnen.”

Onze enquête vorig jaar maakte het nog maar eens duidelijk: planlast is de belangrijkste reden waarom leerkrachten hun job als zwaar ervaren. In het regeerakkoord wil de nieuwe Vlaamse regering daar mee komaf maken. Een meldpunt voor irriterende regeldruk en een goed overleg binnen de school moeten de druk op leerkrachten verlagen. Maar wat is die planlast nu eigenlijk? En moeten we daar wel van af?

PLANLAST IS SUBJECTIEF

Gilbert Deketelaere is beleidsondersteuner en kwaliteitscoördinator in het Sint-Godelievecollege in Gistel. Hij is ook lid van het Schooloverstijgend Kwaliteitsnetwerk (SOK) dat scholen ondersteunt in hun kwaliteitsontwikkeling. Hij ergert zich al jaren aan het gebruik van de term ‘planlast’.

“Planlast is een vreselijke term, zonder degelijke definitie. Het is een containerbegrip dat op een erg subjectieve manier te interpreteren is. Daardoor is elk constructief gesprek erover zo goed als onmogelijk en kunnen we het bijna niet aanpakken.”

“De term suggereert dat een planning of administratie een last is voor leerkrachten. Maar ik vraag me af of dat wel zo is. Heeft een arts last van planlast als hij een dossier van een patiënt invult, zodat hij later nog weet wat er met die patiënt aan de hand was? Als een leerkracht een gesprek voert met een leerling over zijn welbevinden in de klas en de belangrijkste aandachtspunten van dat gesprek in een leerlingvolgsysteem noteert, is dat dan planlast? Of gaat het misschien om een leraar die de moeder van een leerling opbelt – voor een constructief gesprek - over haar dochter die regelmatig de lessen stoort?”

“In het regeerakkoord staat dat de nieuwe regering wil afstappen van een cultuur waarin alles gerapporteerd moet worden. Maar wat moet er dan nog wel gerapporteerd worden? En wanneer is het overbodig om iets te noteren? Het is onduidelijk wat de verwachtingen zijn ten aanzien van leerkrachten. En professioneel handelen houdt nu eenmaal vormen van planning en administratie in.”

EEN DUIDELIJK KADER

Gilbert Deketelaere: “Wat net tot het takenpakket van de leraar behoort, is niet altijd duidelijk. Welke zaken deel uitmaken van het professioneel handelen van een leerkracht en welke niet, daarover verschillen de meningen. Er moet een open discussie komen over het leerkrachtenberoep. Die zou dan niet alleen gevoerd moeten worden binnen een school, maar met alle betrokkenen: leerkrachten, directies, koepels, lerarenopleidingen en de overheid. Veel leerkrachten hebben het gevoel dat er alleen maar extra taken bijkomen. De constante sluimerende en onuitgesproken hertekening van het lerarenprofiel van buitenaf is nefast voor het welbevinden van leerkrachten. Leerkrachten hebben recht op duidelijkheid.”

“Ook de overheid heeft daar een rol in te spelen. Nu staat er in het regeerakkoord te lezen dat de school inspanningen moet doen om de planlast te verlagen. Maar als de overheid zich ook buigt over het kader waarbinnen leerkrachten functioneren en de inhoud van de job mee actualiseert, zet ze duidelijke bakens uit. Onze beleidsmakers kunnen niet verwachten dat scholen dat helemaal alleen aanpakken. Het regeerakkoord zegt trouwens ook: ‘Ook door in te zetten op digitalisering, kan de planlast verder naar omlaag’, terwijl leerkrachten soms juist planlast krijgen van de toegenomen digitalisering. Het is verwarrend op die manier. We moeten duidelijk maken waarover we spreken, in plaats van een loos containerbegrip als planlast te blijven gebruiken.”

PROFESSIONEEL KWALITEITSVOL HANDELEN

Gilbert Deketelaere: “Het regeerakkoord verwijst ook heel kort naar het Tarra-rapport. Dat omschrijft planlast als ‘het geheel van ter discussie gestelde verplichtingen en werkcondities die onderwijspersoneelsleden veelal ervaren als een belemmering van hun kerntaak’. Ik geef een voorbeeld van bureaucratie die de kerntaak van leerkrachten belemmert: om een leerling noodzakelijke ondersteuning te kunnen bieden door het ondersteuningsnetwerk, moeten we een hele boekhouding voorleggen. Je moet als school kunnen bewijzen dat de basiszorg én verhoogde zorg niet volstaan. Op basis daarvan schiet het CLB in actie en volgt er – eventueel – ondersteuning. Dat is een heel proces. Waarom geven we niet onmiddellijk gepaste zorg aan leerlingen die het nodig hebben? Dat is pas professioneel kwaliteitsvol handelen.”

“Deze regering zal samen met alle andere betrokkenen, inspanningen moeten doen om de administratie die het professioneel handelen van leerkrachten belemmert, te bannen. Daarvoor moeten we met elkaar in gesprek gaan. In de eerste plaats over wat de job van leerkracht precies inhoudt en over de afgebakende verantwoordelijkheidsgebieden die bij de lerarenopdracht horen.”

 

DISQUS EMBED